vrijdag 5 maart 2010

Prijsvraag.

Hoe heet de woensdag voor pasen?

Prijsvraag.

Hoe heten de negen planeten? De winnaar krijgt een medaille. Er zijn 5 winnaars.

Het bos.

Er was eens een bos. Daar woonden heel veel dieren. Op een dag hoorde iedereen een hele harde BONK. De dieren gingen snel kijken. Er was een hele grote grijze bal. De beer zei: Ik denk dat het een zon is! Nee, de zon is niet grijs zei de muis. O, o, o, dan is de zon afgekoeld! Nee joh, de zon schijnt! zei de muis. De volgende dag lag er alleen nog maar vuilnis en heel veel rook. De aap zei: Dat komt weer door die mensen en fabrieken. Die gooien overal hun afval neer en... Bonk. Deze keer zijn het geweren er word op ons gejaagd!!!!!!!!!!! riep de eekhoorn. Ik heb een idee! zei de aap. We pakken hun geweren af en jagen op hun! Goed idee!!! Riep iedereen in koor. Een week later hadden ze zich klaar gemaakt. Ze hadden gras kanonnen geweren en dieren. ze vielen aan en ze wonnen!!!!

maandag 8 februari 2010

KORFBAL

Zaterdag 13 februari hebben wij een kampioenswedstrijd! Van 10:00 tot 11:00 s'ochtends in sporthal de buitenhof in delft. We moeten gelijk spelen of winnen om kampioen te worden. Kom je ook kijken? P.S.: Ik hoor bij exelsior.

maandag 18 januari 2010

De giraffe

De giraffe vroeg aan de muis: Zal ik ver weg in de toekomst kijken? Kan jij dat dan? Vroeg de muis. Ja. Zei de giraffe. vanaf hier kan ik zo de toekomst zien hoor. oké. Zei de muis. De giraffe zei kijkent: Ik zie dat je later kampioen ruiken word. Hoe kan dat ik kan helemaal niet zo goed ruiken! Ja, ik zie het heel duidelijk. zei de giraffe. Een maand later werd de muis kampioen ruiken. Giraffe je had gelijk! Misschien word je wel kampioen toekomst kijken! Een week later werd de giraffe kampioen toekomst kijken. Zie je wel ik kan ook een beetje toekomst kijken! Zei de muis.

zondag 10 januari 2010

De olifant.

De olifant verveelde zich.
Hij had niks te doen.
Dat ging een jaar lang door.
Voor zijn verjaardag had hij anti-verveel tips gevraagd.
Op zijn verjaardag kreeg hij cadeautjes.
Van de aap kreeg hij een tip om lekker te slingeren aan takken.
Van de dolfijn kreeg hij een tip om lekker te zwemmen.
Van het paard kreeg hij een tip om lekker te huppelen.
En nog veel meer.
Sins die dag verveelde de olifant zich nooit meer.

dinsdag 22 december 2009

Sneeuwpopje.

Ik heb een sneeuwpopje gemaakt. Hij heeft een hoedje, ogen, neus, mond, oren en 1 arm.
De tuin was bedekt met ongeveer 20 cm sneeuw! Mijn popje is ongeveer 30 cm.
Hij heeft een bruin hoedje, rode ogen, rode mond, zilver-witte oren, oranje arm en hij is zelf wit.

maandag 21 december 2009

Rotseiland

Er was eens een eiland. Dat eiland heette Rotseiland. Als je op het eiland kwam, zag je eerst een groen landschap met rotsen en planten. Als je een tijdje verder liep kwam je in een stadje. Een stadje met allemaal mooie, hoge gebouwen. Het eilandje ligt midden in de zee. Daarom is niemand er ooit gekomen. Op dat eiland woonde hele rare wezentjes. Die wezentjes zijn groen. Wat ook heel raar was, is dat ze maar 1 oog hebben. Ze hebben geen mond maar een hele grote neus. Ze eten daarom ook door hun neus! Ze eten gemalen gras.

zaterdag 12 december 2009

De muis.

Er was eens een muis. Die muis was heel sterk. Hij kon zelfs een olifant op tillen! Op een dag kwam er een paard aangehuppeld. Het paard probeerde hem plat te stampen. Toen hij dacht dat hij hem had, voelde hij dat hij een klein stukje omhoog ging! Toen keek hij omlaag. Hij zag dat de muis hem had opgetild! Vanaf die dag was de muis beroemd over alle dieren!

vrijdag 27 november 2009

de reus en zijn draak 1.

Er was eens een reus. Die reus woonde in een heel oud, verlaten hutje. Op een dag ging hij naar de dierenwinkel. Hij kocht daar een draak en 3 kabouters. De volgende dag kreeg hij een brief. in de brief stond : Kom morgen om 9 uur bij het grote plein. Er stond geen afzender op, maar de reus was zo blij dat hem dat niet uit maakte. De volgende ochtend om 9 uur ging de reus naar het grote plein. Er was niemand. Toen kwam er opeens een heks aan vliegen. De heks zei: Zo reusje je bent in de val gelopen! Mijn vrienden zijn op weg naar jou huis om jou draak en je kabouters te stelen. Wij zullen iedereen uit fantasieland gevangen nemen en de baas worden!!!!!! Toen kwam opeens de draak aan vliegen en pakte de reus met zijn klauwen mee. Ze hoorde nog net de heks zeggen tegen de anderen heksen: Waarom hebben jullie die draak losgelaten!!!!!!!! Toen vroeg de reus: Waar gaan we naar toe? Naar heksen-eiland. Zei de draak. En daarvoor moeten we eerst over trollen-eiland. Ze hadden een heel handig boekje bij zich en daar stond iets in over trollen in: Je kan slechte trollen herkennen aan hun rode ogen. Goede trollen kun je herkennen aan hun groene ogen. Als trollen boos zijn gaan hun ogen knipperen. Op trollen-eiland woond maar één goede trol. Trollen zijn heel erg goed in pijl en boog schieten. De gemiddelde lengte van een trol is 1 meter. Ze vlogen naar trollen-eiland en vlak voor ze er waren stortten ze neer. De draak had een gebroken vleugel! Snel gingen ze op zoek naar de goede trol. Het duurde uren maar toen... kwamen de trollen op hun af!!! Gelukkig kwam toen de goede trol aan vliegen op zijn roofvogel. De roofvogel pakte hun op met zijn klouwen maar een draak is veel groter. Het was zwaar maar het lukte. Toen ze bij het huis van de goede trol waren zei de goede trol: Wik wheet Whelma. Wmijn wtaal wis wmet waltijd ween ww wervoor (Vertaling: ik heet Helma. Mijn taal is met altijd een w ervoor). Wwat wis wer wmet wjouw wdraak wgebeurd??!! Hij heeft een gebroken vleugel. Wik wga whem wbetermaken. Wjij wmoet wnaar wheksen-weiland. Win wde wzee wligt ween wonderzeeer. Wgebruik wdie wom wop wheksen weiland wte wkomen. De reus ging naar heksen-eiland. Gelukkig deze keer niets aan de onderzeeer. Hij was op heksen-eiland. Hij zag de kabouters. Het ging niet zo goed met hun. Ze hingen aan een paal. De reus rende er op af. Hij maakte ze los. Hij wou een stap zetten maar voordat dat kon, ging er een alarm af. De heksen kwamen allemaal op hem af. Maar op dat moment kwam Helma aan vliegen op zijn roofvogel. Naast hem vloog zijn draak die hem oppakte en meenam. De trol gaf hem, zijn draak en zijn kabouters een drankje. Hij zei dat ze het op moesten drinken. Toen waren ze ineens weer thuis. Toen zag de reus bij de post een reis liggen! Maar dat kon pas weer over een tijdje.